Natuur om de hoek

Bever

Door Paul Mentink op zondag 18 december 2016 11:04
0 reactiescomments
  • ignore touch

    Burcht aan de Hunze. © Paul Mentink

  • ignore touch

    Omgeknaagde boom. © Paul Mentink

  • ignore touch

    Bever © Paul Mentink

mail pinterest

De wat oudere generatie herkent vast nog wel de volgende songtekst: Hup, daar is Willem met de waterpomptang, de nijptang of de combinatietang. Deze carnavalskraker komt uit de TV-serie de Fabeltjeskrant, waarin Ed en Willem Bever alle klusjes in het

Niet voor niets zijn bevers gebruikt voor deze rol als manusje-van-alles, want in de reële wereld zijn bevers de bouwvakkers onder de dieren. Ze bouwen grote burchten en kunnen lange dammen aanleggen. Daarbij gebruiken ze overigens geen werktuigen, zoals in het liedje. Hun tangen zijn hun formidabele vlijmscherpe tanden.

Tot voor twee eeuwen terug kwam de bever in het wild nog voor in Nederland. Toentertijd stond de populatie al onder druk, men jaagde om meerdere redenen op dit grote knaagdier. Zo was zijn vacht zeer gewild en het bevergeil, een sterk geurende substantie uit zijn anaalklier, was populair als geneesmiddel en als ingrediënt voor de parfumindustrie. Tevens stond de bever op het menu, omdat hij door de kerk als “vis” was aangemerkt en derhalve men bevervlees in de vastentijd mocht eten. Dit heeft uiteindelijk geleid dat in 1826 in Zalk de laatste wilde bever in Nederland het loodje legde.

Halverwege de vorige eeuw waren er de eerste plannen voor de herintroductie van de bever. Het duurde echter tot 1988 voordat daadwerkelijk de eerste bevers in Nederland hun vrijheid kregen. Dat was in de Biesbosch, omdat dit natuurgebied de beste leefomstandigheden had, en nog steeds heeft. De uitgezette bevers waren afkomstig uit het Elbegebied in Duitsland. In de daarop volgende jaren zijn nog een aantal beverfamilies uitgezet. Niet alleen in de Biesbosch, maar onder andere ook in de Gelderse Poort, tussen Arnhem en Nijmegen. In 2008 was de meest recente uitzetting van bevers, in de Hunzevallei en het Zuidlaardermeergebied, op de grens van Drenthe en Groningen.

De bever komt op dit moment op veel plaatsen voor, met name in het stroomgebied van de grote rivieren. Opvallend is dat hij nog niet in de kop van Overijssel gesignaleerd is. Daar is immers genoeg plantaardig voedsel en water voor hem beschikbaar, twee belangrijke levensvoorwaarden. Zijn voedsel bestaat vooral uit het hout en de bast van wilgen en populieren. Daarnaast ook kruidachtige water- en oeverplanten, wortelstokken en zelfs boombladeren. Het water moet minimaal een halve meter diep zijn. Dit is noodzakelijk, omdat de bever van takken en modder een grote burcht bouwt, waarvan de ingang altijd onder waterspiegel ligt. Zijn “woonkamer” bevindt zich daarentegen 20 centimeter boven de waterlijn. Eventueel bouwt de bever een dam, om het waterpeil op de gewenste hoogte te houden.

Het zal een kwestie van tijd zijn, wanneer de bever in de Weerribben te zien zal zijn. Mocht je menen er nu eentje te zien zwemmen, bedenk dat het ook een muskusrat kan zijn. Een bever is dan wel minstens een keer zo groot, maar dat is op afstand niet altijd goed in te schatten. Er is pas zekerheid als er afgeknaagde bomen en struiken te vinden zijn. Die techniek is alleen voorbehouden aan de bever.

 

 

LAAT EEN BERICHT ACHTER

U moet zijn ingelogd om een bericht te kunnen plaatsen. Log in of registreer je om een reactie te kunnen plaatsen.